scripture.how Bible Copywork
EN

Copywork

Dutch 1917 Isaiah 19장

Copywork is not a speed-typing drill but time to re-hold the words and flow of Scripture, one verse at a time. Your input is saved temporarily in this browser, and to your account when you are signed in.

KO Korean
ZH Chinese
JA Japanese
HI Hindi
BN Bengali
TA Tamil
TE Telugu
ML Malayalam
FA Persian
MY Burmese
NE Nepali
MR Marathi
KN Kannada
HA Hausa
YO Yoruba
SW Swahili
IG Igbo
ID Indonesian
TSI
PT Portuguese
VI Vietnamese
AR Arabic
AVD
RU Russian
UK Ukrainian
RO Romanian
BTF
IT Italian
FI Finnish
TO Tongan
HR Croatian
SR Serbian
TR Turkish
HU Hungarian
PL Polish
SK Slovak
LA Latin
NL Dutch
CS Czech
FR French
ES Spanish
DE German
ETC Other languages

Practice by section · Isaiah

1:1-9 A Rebuke of Judah and Jerusalem for Their Rebellion 1:10-17 Vain Sacrifices and Empty Worship Condemned 1:18-20 The LORD's Call to Repentance 1:21-31 The Faithful City Fallen and the Promise of Refining 2:1 Prologue: The Glory of the LORD's Mountain in the Last Days 2:2-4 The Mountain of the LORD 2:5-22 The Day of the LORD against the Proud 3:1-15 The LORD Removes Leaders and Provisions from Jerusalem and Judah 3:16-26 Judgment on the Proud Daughters of Zion 4:1-6 The Cleansing of the Remnant and the Restoration of Zion 5:1-7 The Song of the Vineyard and the Fruitless People 5:8-23 Six Woes Pronounced on Evildoers 5:24-30 The LORD's Wrath and the Invasion of a Distant Nation 6:1-13 The Vision of the LORD's Glory and the Prophet's Call 7:1-9 The Word to Ahaz: Do Not Fear 7:10-16 The Prophecy of the Sign of Immanuel 7:17-25 The Warning of Desolation by Assyria 8:1-10 The Sign of Maher-shalal-hash-baz 8:11-22 Fear and Trust in the LORD 9:1-7 For to Us a Child Is Born and His Reign 9:8-21 The LORD's Wrath Again on the Proud Northern Kingdom 10:1-19 Unjust Decrees and Woe to Assyria 10:20-34 The Remnant of Jacob Returns 11:1-9 The Righteous King from the Stump of Jesse 11:10-16 The Gathering of the Scattered People 12:1-6 A Song of Thanksgiving for the Day of Salvation 13:1-22 The Warning of the Day of the LORD against Babylon 14:1-23 The Restoration of Jacob and Taunt against the King of Babylon 14:24-32 A Warning against Assyria and Philistia 15:1-9 A Lament over the Destruction of Moab 16:1-14 Moab's Refuge and Judgment on Her Pride 17:1-11 A Warning against Damascus and Ephraim 17:12-14 The Tumult and Destruction of the Plundering Nations 18:1-7 A Warning against the Land of Cush and an Offering 19:1-17 Confusion and Desolation Come upon Egypt 19:18-25 In That Day Egypt and Assyria Are Blessed 20:1-6 A Sign of Nakedness: The Captivity of Egypt and Cush 21:1-10 The Vision of Fallen Babylon 21:11-17 A Warning against Dumah and Arabia 22:1-14 A Rebuke of Jerusalem, the Valley of Vision 22:15-25 The Deposing of Shebna and the Promotion of Eliakim 23:1-18 A Warning of the Fall and Restoration of Tyre 24:1-13 The Judgment of Desolation upon the Whole Earth 24:14-23 Praise and Dread in the Midst of Judgment 25:1-12 A Song of Thanksgiving to the LORD Who Saves 26:1-21 A Song of Trust to Be Sung in the Land of Judah 27:1-13 The LORD Punishes Leviathan and Keeps His Vineyard 28:1-13 Woe to the Proud Crown of Ephraim 28:14-29 The Sure Cornerstone Laid in Zion 29:1-14 Affliction and Deliverance for Ariel, Jerusalem 29:15-24 The Promise of Restoration: Darkness Turned to Light 30:1-17 A Rebuke of the Rebellious Children Who Trust in Egypt 30:18-33 Grace Shown to Those Who Wait 31:1-9 Do Not Rely on Egypt but Return to the LORD 32:1-20 A King Who Reigns in Righteousness and the Fruit of Righteousness 33:1-24 Woe to the Destroyer and the Exaltation of the LORD 34:1-17 The Judgment of Wrath upon the Nations and Edom 35:1-10 The Holy Way for the Redeemed to Walk 36:1-22 Sennacherib's Invasion and the Threat of the Rabshakeh 37:1-20 Hezekiah's Prayer and Isaiah's Answer 37:21-38 The Defeat of the Assyrian Army and the Death of Sennacherib 38:1-22 Hezekiah's Illness and the Extension of His Life 39:1-8 The Babylonian Envoys and the Prophecy of Exile 40:1-11 The Cry of Comfort and the Everlasting LORD 40:12-31 The Incomparable Creator God 41:1-20 The One Raised from the East and the Comfort of Fear Not 41:21-29 A Challenge to the Powerlessness and Vanity of Idols 42:1-17 The LORD's Chosen Servant and a New Song 42:18-25 Israel, the Blind and Deaf Servant 43:1-21 Fear Not, for I Have Redeemed You 43:22-28 The Promise of Grace That Blots Out Transgressions 44:1-20 The Spirit Poured on the Chosen Servant and the Folly of Idols 44:21-28 The LORD Redeems Israel and Calls Cyrus 45:1-13 Salvation through Cyrus and the Sovereignty of the Creator 45:14-25 Turn to the LORD Alone and Be Saved 46:1-13 Babylon's Idols Fall but God Sustains 47:1-15 The Fall of the Proud Virgin Babylon 48:1-22 Former Things and New Things for Stubborn Israel 49:1-13 The Servant of the LORD as a Light to the Nations 49:14-26 Zion Not Forgotten: Her Restoration and Children 50:1-11 The Obedient Servant and a Call to Trust in the LORD 51:1-16 Comfort for Those Who Pursue Righteousness 51:17-23 Jerusalem Awakened as the Cup of Wrath Is Removed 52:1-12 Awake, O Zion: The News of Salvation 52:13-15 Prologue: The Exaltation of the LORD's Servant Who Will Prosper 53:1-12 The Suffering Servant Pierced and Despised 54:1-17 The Song of Zion, the Barren Woman 55:1-13 An Invitation of Abundant Grace to the Thirsty 56:1-8 Salvation Opened to Foreigners and Eunuchs 56:9-12 A Rebuke of Greedy Watchmen and Idolatry 57:1-13 The Wickedness of Those Who Serve Idols 57:14-21 Peace Granted to the Contrite 58:1-14 True Fasting and the Blessing of Keeping the Sabbath 59:1-15 Sin Has Separated God from His People 59:16-21 The LORD Comes as Redeemer 60:1-22 The Glory of the LORD Shines on Zion 61:1-11 The Good News Proclaimed by the Anointed One 62:1-12 Zion's New Name and the Unceasing Watchmen 63:1-6 The Warrior Who Treads Edom and Returns 63:7-19 A Plea Remembering the LORD's Former Mercies 64:1-12 A Prayer That God Would Rend the Heavens and Come Down 65:1-16 The Rebellious People and the Blessing for the Chosen 65:17-25 The Promise of New Heavens and a New Earth 66:1-6 True Worshipers and the Poor in Spirit 66:7-24 The Comfort of Jerusalem and Glory and Judgment upon All Nations
19:1
Waiting

De last van Egypte. Ziet, de HEERE rijdt op een snelle wolk, en Hij zal in Egypte komen; en de afgoden van Egypte zullen bewogen worden van Zijn aangezicht, en het hart der Egyptenaren zal smelten in het binnenste van hen.

19:2
Waiting

Want Ik zal de Egyptenaren tegen de Egyptenaren verwarren, dat zij zullen strijden een iegelijk tegen zijn broeder, en een iegelijk tegen zijn naaste, stad tegen stad, koninkrijk tegen koninkrijk.

19:3
Waiting

En de geest der Egyptenaren zal uitgeledigd worden in het binnenste van hen, en hun raad zal Ik verslinden; dan zullen zij hun afgoden vragen, en den bezweerders, en den waarzeggers, en den duivelskunstenaars.

19:4
Waiting

En Ik zal de Egyptenaars besluiten in de hand van harde heren, en een strenge koning zal over hen heersen, spreekt de Heere HEERE der heirscharen.

19:5
Waiting

En zij zullen de wateren uit de zee doen vergaan, en de rivier zal verzijpen en verdrogen.

19:6
Waiting

Zij zullen ook de rivieren verre terugdrijven, zij zullen ze uithozen, en de gedamde stromen opdrogen; het riet en het schilf zullen verwelken.

19:7
Waiting

Het papiergewas bij de stromen, aan de oevers der stromen, en al het gezaaide aan de stromen, zal verdrogen; het zal weggestoten worden, en niet meer zijn.

19:8
Waiting

En de vissers zullen treuren, en allen, die den angel in de stromen werpen, zullen rouw maken; en die het werpnet uitbreiden op de wateren, zullen kwijnen.

19:9
Waiting

En de werkers in het fijne vlas zullen beschaamd worden, ook de wevers van de witte stof.

19:10
Waiting

En zij zullen met hun fondamenten verbrijzeld worden, allen, die voor loon lustige staande wateren maken.

19:11
Waiting

Gewisselijk, de vorsten van Zoan zijn dwazen, de raad der wijzen, der raadgevers van Farao, is onvernuftig geworden; hoe kunt gijlieden dan zeggen tot Farao; Ik ben een zoon der wijzen, een zoon der oude koningen?

19:12
Waiting

Waar zijn nu uw wijzen? Dat zij u nu te kennen geven of vernemen, wat de HEERE der heirscharen beraadslaagd heeft tegen Egypte.

19:13
Waiting

De vorsten van Zoan zijn zot geworden, de vorsten van Nof zijn bedrogen; zij zullen ook Egypte doen dwalen, tot den uitersten hoek zijner stammen.

19:14
Waiting

De HEERE heeft een zeer verkeerden geest ingeschonken in het midden van hen, en zij hebben Egypte doen dwalen in al zijn doen, gelijk een dronkaard zich om en om wentelt in zijn uitspuwsel.

19:15
Waiting

En er zal geen werk wezen voor de Egyptenaren, hetwelk het hoofd of de staart, de tak of de bieze doen mag.

19:16
Waiting

Te dien dage zullen de Egyptenaars zijn als de vrouwen; en zij zullen beven en vrezen vanwege de beweging van de hand des HEEREN der heirscharen, welke Hij tegen hen bewegen zal.

19:17
Waiting

En het land van Juda zal den Egyptenaren tot een schrik zijn; zo wie het vermelden zal, die zal in zichzelven bevreesd wezen vanwege den raad des HEEREN der heirscharen, dien Hij tegen hen beraadslaagd heeft.

19:18
Waiting

Te dien dage zullen er vijf steden in Egypteland zijn, sprekende de spraak van Kanaan, en zwerende den HEERE der heirscharen; een zal genoemd zijn een stad der verstoring.

19:19
Waiting

Te dien dage zal de HEERE een altaar hebben in het midden van Egypteland, en een opgericht teken aan haar landpalen voor den HEERE.

19:20
Waiting

En het zal zijn tot een teken, en tot een getuigenis den HEERE der heirscharen in Egypteland, want zij zullen tot den HEERE roepen vanwege de verdrukkers, en Hij zal hun een Heiland en Meester zenden, Die zal hen verlossen.

19:21
Waiting

En de HEERE zal den Egyptenaren bekend worden, en de Egyptenaars zullen den HEERE kennen te dien dage; en zij zullen Hem dienen met slachtoffer, en spijsoffer, en zij zullen den HEERE een gelofte beloven en betalen.

19:22
Waiting

En de HEERE zal de Egyptenaars dapper slaan, en genezen; en zij zullen zich tot den HEERE bekeren, en Hij zal Zich van hen verbidden laten, en Hij zal hen genezen.

19:23
Waiting

Te dien dage zal er een gebaande weg wezen van Egypte in Assyrie, dat de Assyriers in Egypte, en de Egyptenaars in Assyrie komen zullen; en de Egyptenaars zullen met de Assyriers den Heere dienen.

19:24
Waiting

Te dien dage zal Israel de derde wezen met de Egyptenaren en met de Assyriers, een zegen in het midden van het land.

19:25
Waiting

Want de HEERE der heirscharen zal hen zegenen, zeggende: Gezegend zij Mijn volk, de Egyptenaars, en de Assyriers, het werk Mijner handen, en Israel, Mijn erfdeel!