scripture.how 聖書写経
JA

Copywork

Dutch 1917 2 Kings 22장

写経は速く終える入力練習ではなく、一節ずつみ言葉の文と流れを改めて受け止める時間です。入力内容はこのブラウザに一時保存され、ログインするとアカウントにも保存されます。

KO 韓国語
ZH 中国語
JA 日本語
HI ヒンディー語
BN ベンガル語
TA タミル語
TE テルグ語
ML マラヤーラム語
FA ペルシア語
MY ビルマ語
NE ネパール語
MR マラーティー語
KN カンナダ語
HA ハウサ語
YO ヨルバ語
SW スワヒリ語
IG イボ語
ID インドネシア語
TSI
PT ポルトガル語
VI ベトナム語
AR アラビア語
AVD
RU ロシア語
UK ウクライナ語
RO ルーマニア語
BTF
IT イタリア語
FI フィンランド語
TO トンガ語
HR クロアチア語
SR セルビア語
TR トルコ語
HU ハンガリー語
PL ポーランド語
SK スロバキア語
LA ラテン語
NL オランダ語
CS チェコ語
FR フランス語
ES スペイン語
DE ドイツ語
ETC その他の言語

小見出し単位で進める · 2 Kings

1:1-8 Elijah and the Messengers of King Ahaziah 1:9-16 Two Captains of Fifty Consumed by Fire and the Third Company 1:17-18 The Death of Ahaziah and the Succession of Joram 2:1-12 Elijah Taken Up to Heaven in a Whirlwind 2:13-18 Elisha Receives a Double Portion of Elijah's Spirit 2:19-25 Healing the Water of Jericho and the Boys Who Mocked at Bethel 3:1-12 The Alliance of Three Kings Against Moab 3:13-27 Elisha's Prophecy and Victory Over Moab 4:1-7 The Miracle of the Widow's Jar of Oil 4:8-17 The Shunammite Woman and the Promised Son 4:18-37 Elisha Raises the Dead Son to Life 4:38-44 The Deadly Stew Purified and a Hundred Men Fed 5:1-14 Naaman the Aramean Commander Healed of Leprosy 5:15-19 Naaman's Confession of Faith and Elisha's Refusal 5:20-27 Leprosy Strikes the Greedy Gehazi 6:1-7 The Axe Head That Floated 6:8-23 Elisha Strikes the Aramean Army with Blindness 6:24-33 The Siege of Samaria and the Severe Famine 7:1-2 Elisha's Prophecy of Deliverance from Famine 7:3-11 The Lepers Who Discovered the Deserted Aramean Camp 7:12-20 The Prophecy Fulfilled and the Officer Trampled to Death 8:1-6 The Shunammite Woman's Land Restored 8:7-15 The Prophecy of Hazael's Kingship Over Aram 8:16-24 The Wicked Reign of Jehoram King of Judah 8:25-29 The Accession of Ahaziah King of Judah 9:1-13 The Anointing of Jehu and His Proclamation as King 9:14-29 Jehu Kills Joram and Ahaziah 9:30-37 Jezebel Thrown Down from the Window and Killed 10:1-11 Jehu Destroys Ahab's Seventy Sons 10:12-17 The Slaughter of Ahaziah's Relatives and the House of Ahab 10:18-28 Jehu's Scheme to Massacre the Worshipers of Baal 10:29-36 Jehu's Limitations and the End of His Reign 11:1-3 Jehosheba Hides the Royal Heir and Athaliah's Usurpation 11:4-16 Jehoiada's Coup and the Accession of Joash 11:17-21 Renewal of the Covenant and the Destruction of Baal's Temple 12:1-16 Joash Orders the Repair of the Temple 12:17-21 Hazael's Invasion and the Death of Joash 13:1-9 The Evil of Jehoahaz and the Oppression by Aram 13:10-13 The Reign of Jehoash King of Israel 13:14-21 Elisha's Final Prophecy and His Death 13:22-25 The Cities Recovered from Aram 14:1-7 The Reign of Amaziah King of Judah 14:8-22 The Prideful War with Israel and the Defeat 14:23-29 The Reign of Jeroboam II King of Israel 15:1-7 The Reign of Azariah (Uzziah) King of Judah 15:8-16 The Brief Reigns of Zechariah and Shallum 15:17-22 The Reign of Menahem and the Tribute to Assyria 15:23-31 The Reigns of Pekahiah and Pekah 15:32-38 The Reign of Jotham King of Judah 16:1-9 Ahaz's Idolatry and Reliance on Assyria 16:10-20 Ahaz's Corruption in Copying the Pagan Altar 17:1-6 The Reign of Hoshea and the Fall of Samaria 17:7-23 The Sins That Caused the Fall of the Northern Kingdom 17:24-41 The Syncretism of the Foreign Peoples Resettled in Samaria 18:1-12 Hezekiah's Religious Reform 18:13-37 Sennacherib's Invasion and the Threats of the Rabshakeh 19:1-13 Hezekiah Seeks Help from Isaiah 19:14-34 Hezekiah's Prayer and the Prophecy Against Sennacherib 19:35-37 The Destruction of the Assyrian Army and Sennacherib's End 20:1-11 Hezekiah's Healing and the Extension of His Life 20:12-21 Hezekiah's Pride in Receiving the Babylonian Envoys 21:1-18 Manasseh's Extreme Idolatry and the Prophecy of Judgment 21:19-26 The Wickedness and Death of Amon 22:1-13 The Book of the Law Found During the Temple Repairs 22:14-20 The Prophecy of the Prophetess Huldah 23:1-20 Renewal of the Covenant and Josiah's Religious Reform 23:21-27 The Passover Kept After Long Neglect and the Completion of the Reform 23:28-37 The Death of Josiah and the Deposing of Jehoahaz 24:1-7 Jehoiakim's Rebellion and the Invasion of Babylon 24:8-17 Jehoiachin's Surrender and the First Exile 24:18-20 The Accession and Rebellion of Zedekiah 25:1-7 The Fall of Jerusalem and the Tragedy of Zedekiah 25:8-21 The Destruction of the Temple and the Babylonian Exile 25:22-26 Gedaliah's Governorship and Assassination 25:27-30 Jehoiachin Released from Prison
22:1
待機

Josia was acht jaren oud, toen hij koning werd, en regeerde een en dertig jaren te Jeruzalem; en de naam zijner moeder was Jedida, een dochter van Adaja, van Bozkath.

22:2
待機

En hij deed dat recht was in de ogen des HEEREN; en hij wandelde in al den weg van zijn vader David, en week niet af ter rechter- noch ter linkerhand.

22:3
待機

Het geschiedde nu in het achttiende jaar van den koning Josia, dat de koning den schrijver Safan, den zoon van Azalia, den zoon van Mesullam, zond in het huis des HEEREN, zeggende:

22:4
待機

Ga op tot Hilkia, den hogepriester, opdat hij het geld opsomme, dat in het huis des HEEREN gebracht is, hetwelk de wachters des dorpels van het volk verzameld hebben;

22:5
待機

En dat zij dat geven in de hand der verzorgers van het werk, die besteld zijn over het huis des HEEREN; opdat zij het geven aan degenen, die het werk doen, dat in het huis des HEEREN is, om de breuken van het huis te beteren;

22:6
待機

Aan de timmerlieden en de bouwlieden, en de metselaars, en om hout en gehouwene stenen te kopen, om het huis te beteren.

22:7
待機

Doch er werd met hen geen rekening gehouden van het geld, dat in hun hand geleverd was, want zij handelden trouwelijk.

22:8
待機

Toen zeide de hogepriester Hilkia tot Safan, den schrijver: Ik heb het wetboek in het huis des HEEREN gevonden; en Hilkia gaf dat boek aan Safan, die las het.

22:9
待機

Daarna kwam Safan, de schrijver, tot den koning, en bracht den koning bescheid weder, en hij zeide: Uw knechten hebben het geld, dat in het huis gevonden was, samengebracht, en hebben het gegeven in de hand der verzorgers van het werk, die besteld waren over het huis des HEEREN.

22:10
待機

Ook gaf Safan, de schrijver, den koning te kennen, zeggende: De priester Hilkia heeft mij een boek gegeven. En Safan las dat voor het aangezicht des konings.

22:11
待機

Het geschiedde nu, als de koning de woorden des wetboeks hoorde, dat hij zijn klederen scheurde.

22:12
待機

En de koning gebood Hilkia, den priester, en Ahikam, den zoon van Safan, en Achbor, den zoon van Michaja, en Safan, den schrijver, en Asaja, den knecht des konings, zeggende:

22:13
待機

Gaat henen, vraagt den HEERE voor mij, en voor het volk, en voor het ganse Juda, over de woorden dezes boeks, dat gevonden is; want de grimmigheid des HEEREN is groot, dewelke tegen ons aangestoken is, omdat onze vaderen niet gehoord hebben naar de woorden dezes boeks, om te doen naar al wat voor ons geschreven is.

22:14
待機

Toen ging de priester Hilkia, en Ahikam, en Achbor, en Safan, en Asaja henen tot de profetes Hulda, de huisvrouw van Sallum, den zoon van Tikva, den zoon van Harhas, den klederbewaarder (zij nu woonde te Jeruzalem, in het tweede deel), en zij spraken tot haar.

22:15
待機

En zij zeide tot hen: Zo zegt de HEERE, de God Israels: Zegt tot den man, die u tot mij gezonden heeft:

22:16
待機

Zo zegt de HEERE: Zie, Ik zal kwaad over deze plaats brengen, en over haar inwoners, namelijk al de woorden des boeks, dat de koning van Juda gelezen heeft.

22:17
待機

Daarom dat zij Mij verlaten, en anderen goden gerookt hebben, opdat zij Mij tot toorn verwekten met al het werk hunner handen, zo zal Mijn grimmigheid aangestoken worden, tegen deze plaats, en niet uitgeblust worden.

22:18
待機

Maar tot den koning van Juda, die u gezonden heeft, om den HEERE te vragen, alzo zult gij tot hem zeggen: Zo zegt de HEERE, de God Israels: Aangaande de woorden, die gij gehoord hebt;

22:19
待機

Omdat uw hart week geworden is, en gij u voor het aangezicht des HEEREN vernederd hebt, als gij hoordet, wat Ik gesproken heb tegen deze plaats en derzelver inwoners, dat zij tot een verwoesting en vloek zullen worden, en dat gij uw klederen gescheurd en voor Mijn aangezicht geweend hebt; zo heb Ik u ook verhoord, spreekt de HEERE.

22:20
待機

Daarom zie, Ik zal u verzamelen tot uw vaderen, en gij zult met vrede in uw graf verzameld worden, en uw ogen zullen al het kwaad niet zien, dat Ik over deze plaats brengen zal. En zij brachten den koning het antwoord weder.