scripture.how 聖書写経
JA

Copywork

Dutch 1917 Acts 5장

写経は速く終える入力練習ではなく、一節ずつみ言葉の文と流れを改めて受け止める時間です。入力内容はこのブラウザに一時保存され、ログインするとアカウントにも保存されます。

KO 韓国語
ZH 中国語
JA 日本語
HI ヒンディー語
BN ベンガル語
TA タミル語
TE テルグ語
ML マラヤーラム語
FA ペルシア語
MY ビルマ語
NE ネパール語
MR マラーティー語
KN カンナダ語
HA ハウサ語
YO ヨルバ語
SW スワヒリ語
IG イボ語
ID インドネシア語
TSI
PT ポルトガル語
VI ベトナム語
AR アラビア語
AVD
RU ロシア語
UK ウクライナ語
RO ルーマニア語
BTF
IT イタリア語
FI フィンランド語
TO トンガ語
HR クロアチア語
SR セルビア語
TR トルコ語
HU ハンガリー語
PL ポーランド語
SK スロバキア語
LA ラテン語
NL オランダ語
CS チェコ語
FR フランス語
ES スペイン語
DE ドイツ語
ETC その他の言語

小見出し単位で進める · Acts

1:1-5 Preface to Theophilus 1:6-11 The Ascension of Jesus and the Promise of His Return 1:12-14 The Disciples Devoted to Prayer in the Upper Room 1:15-26 Matthias Chosen to Replace Judas 2:1-13 The Holy Spirit Comes at Pentecost 2:14-36 Peter Addresses the Crowd 2:37-41 Three Thousand Repent and Are Baptized 2:42-47 The Fellowship of the First Believers 3:1-10 Peter Heals the Lame Beggar at the Temple Gate 3:11-26 Peter Preaches in Solomon's Portico 4:1-12 Peter and John Before the Council 4:13-22 The Rulers Forbid Preaching in Jesus' Name 4:23-31 The Believers Pray for Boldness 4:32-37 The Community That Shared All Things 5:1-11 The Deceit and Death of Ananias and Sapphira 5:12-16 Signs and Wonders Through the Apostles 5:17-26 The Apostles Imprisoned and Freed by an Angel 5:27-33 The Apostles Obey God Rather Than Men 5:34-42 Gamaliel's Counsel and the Apostles Beaten 6:1-7 Seven Chosen to Serve 6:8-15 Stephen Seized and Brought Before the Council 7:1-8 Stephen Recounts the Call of Abraham 7:9-19 Joseph and the Ancestors in Egypt 7:20-29 The Birth of Moses and His Flight to Midian 7:30-43 Israel's Rebellion in the Wilderness 7:44-50 The Folly of Trusting in a House Made by Hands 7:51-60 The Stoning of Stephen 8:1-8 The Scattered Believers Spread the Gospel 8:9-25 Simon the Magician Rebuked 8:26-40 Philip and the Ethiopian Eunuch 9:1-9 Saul Meets the Risen Lord on the Road to Damascus 9:10-19 Saul's Sight Restored Through Ananias 9:20-31 Saul Preaches Boldly in Damascus and Jerusalem 9:32-35 Peter Heals Aeneas at Lydda 9:36-43 Peter Raises Tabitha at Joppa 10:1-8 The Vision of Cornelius the Devout Centurion 10:9-23 Peter's Vision of the Sheet 10:24-33 Peter Enters the House of Cornelius 10:34-43 Salvation Comes to the Gentiles 10:44-48 The Holy Spirit Poured Out on the Gentiles 11:1-18 Peter Explains Himself in Jerusalem 11:19-26 First Called Christians at Antioch 11:27-30 Relief Sent to the Brethren in Judea 12:1-5 The Martyrdom of James and the Imprisonment of Peter 12:6-19 An Angel Leads Peter Out of Prison 12:20-25 The Wretched End of the Proud Herod 13:1-3 Barnabas and Saul Sent Off 13:4-12 Paul Rebukes the Magician in Cyprus 13:13-41 Paul Preaches in the Synagogue at Pisidian Antioch 13:42-52 The Two Apostles Turn to the Gentiles 14:1-7 Preaching and Division at Iconium 14:8-20 The Apostles Mistaken for Gods at Lystra 14:21-28 Strengthening the Churches and Returning to Antioch 15:1-5 The Dispute Over Circumcision 15:6-21 The Council at Jerusalem 15:22-35 The Letter of Decision Sent to the Gentile Churches 15:36-41 Paul and Barnabas Part Ways 16:1-5 Paul Takes Timothy as a Companion 16:6-10 The Vision to Come Over to Macedonia 16:11-15 Lydia Believes at Philippi 16:16-24 Healing the Slave Girl and Imprisonment 16:25-40 The Prison Doors Open and the Jailer Is Saved 17:1-9 Preaching and Uproar at the Thessalonian Synagogue 17:10-15 The Bereans Examine the Scriptures 17:16-34 Paul Preaches at the Areopagus in Athens 18:1-11 Aquila and Priscilla Met at Corinth 18:12-17 Paul Brought Before Gallio 18:18-23 Returning to Antioch and Setting Out Again 18:24-28 Apollos Instructed at Ephesus 19:1-7 The Disciples at Ephesus Receive the Holy Spirit 19:8-12 Continued Teaching in the Hall of Tyrannus 19:13-20 The Exorcists and the Burning of Magic Books 19:21-41 The Riot Stirred Up by Demetrius the Silversmith 20:1-6 Through Macedonia and Greece to Troas 20:7-12 Eutychus Restored to Life at Troas 20:13-16 The Voyage to Miletus 20:17-38 Paul's Farewell to the Ephesian Elders 21:1-16 The Final Voyage to Jerusalem 21:17-26 Paul Meets James and Observes the Rite of Purification 21:27-40 Paul Arrested in the Temple 22:1-21 Paul Testifies to His Conversion Before the Crowd 22:22-29 Spared the Scourge by Roman Citizenship 22:30 Paul Brought Before the Council 23:1-11 The Argument That Divided Pharisees and Sadducees 23:12-22 The Plot to Kill Paul 23:23-35 Paul Sent Under Guard to the Governor at Caesarea 24:1-9 The Accusation Before Felix 24:10-21 Paul's Defense Before Felix 24:22-27 Felix Keeps Paul in Custody 25:1-12 Paul Appeals to Caesar 25:13-27 Festus Lays the Case Before Agrippa 26:1-11 Paul Recounts His Former Life Before Agrippa 26:12-23 Paul Testifies to the Heavenly Commission 26:24-32 Paul's Appeal to the King 27:1-12 The Beginning of the Voyage to Rome 27:13-26 The Ship Caught in the Storm 27:27-38 Salvation Promised to the Crew and Passengers 27:39-44 The Ship Wrecked and All Are Saved 28:1-10 Kindness Shown on the Island of Malta 28:11-16 Paul Arrives at Last in Rome 28:17-29 Paul's Testimony to the Jews in Rome 28:30-31 Boldly Proclaiming the Kingdom of God
5:1
待機

En een zeker man, met name Ananias, met Saffira, zijn vrouw, verkocht een have;

5:2
待機

En onttrok van den prijs, ook met medeweten zijner vrouw; en bracht een zeker deel, en legde dat aan de voeten der apostelen.

5:3
待機

En Petrus zeide: Ananias, waarom heeft de satan uw hart vervuld, dat gij den Heiligen Geest liegen zoudt, en onttrekken van den prijs des lands?

5:4
待機

Zo het gebleven ware, bleef het niet uw, en verkocht zijnde, was het niet in uw macht? Wat is het, dat gij deze daad in uw hart hebt voorgenomen? Gij hebt den mensen niet gelogen, maar Gode.

5:5
待機

En Ananias, deze woorden horende, viel neder en gaf den geest. En er kwam grote vrees over allen, die dit hoorden.

5:6
待機

En de jongelingen, opstaande, schikten hem toe, en droegen hem uit, en begroeven hem.

5:7
待機

En het was omtrent drie uren daarna, dat ook zijn vrouw daar inkwam, niet wetende, wat er geschied was;

5:8
待機

En Petrus antwoordde haar: Zeg mij, hebt gijlieden het land voor zoveel verkocht? En zij zeide: Ja, voor zoveel.

5:9
待機

En Petrus zeide tot haar: Wat is het, dat gij onder u hebt overeengestemd te verzoeken den Geest des Heeren? Zie, de voeten dergenen, die uw man begraven hebben, zijn voor de deur, en zullen u uitdragen.

5:10
待機

En zij viel terstond neder voor zijn voeten, en gaf den geest. En de jongelingen ingekomen zijnde, vonden haar dood en droegen ze uit, en begroeven haar bij haar man.

5:11
待機

En er kwam grote vreze over de gehele Gemeente, en over allen, die dit hoorden.

5:12
待機

En door de handen der apostelen geschiedden vele tekenen en wonderen onder het volk; en zij waren allen eendrachtelijk in het voorhof van Salomo.

5:13
待機

En van de anderen durfde niemand zich bij hen voegen; maar het volk hield hen in grote achting.

5:14
待機

En er werden meer en meer toegedaan, die den Heere geloofden, menigten beide van mannen en van vrouwen;

5:15
待機

Alzo dat zij de kranken uitdroegen op de straten, en legden op bedden en beddekens, opdat, als Petrus kwam, ook maar de schaduw iemand van hen beschaduwen mocht.

5:16
待機

En ook de menigte uit de omliggende steden kwam gezamenlijk te Jeruzalem, brengende kranken, en die van onreine geesten gekweld waren; welke allen genezen werden.

5:17
待機

En de hogepriester stond op, en allen, die met hem waren (welke was de sekte der Sadduceen), en werden vervuld met nijdigheid;

5:18
待機

En sloegen hun handen aan de apostelen, en zetten hen in de gemene gevangenis.

5:19
待機

Maar de engel des Heeren opende des nachts de deuren der gevangenis en leidde hen uit, en zeide:

5:20
待機

Gaat heen, en staat, en spreekt in den tempel tot het volk al de woorden dezes levens.

5:21
待機

Als zij nu dit gehoord hadden, gingen zij tegen den morgenstond in den tempel, en leerden. Maar de hogepriester, en die met hem waren, gekomen zijnde, riepen den raad te zamen, en al de oudsten der kinderen Israels, en zonden naar den kerker, om hen te halen.

5:22
待機

Doch als de dienaars daar kwamen, vonden zij hen in de gevangenis niet, maar keerden wederom, en boodschapten dit.

5:23
待機

Zeggende: Wij vonden wel den kerker met alle verzekerdheid toegesloten, en de wachters buiten staande voor de deuren; maar als wij die geopend hadden, vonden wij niemand daarbinnen.

5:24
待機

Toen nu de hoge priester en de hoofdman des tempels, en de overpriesters deze woorden hoorden, werden zij twijfelmoedig over hen, wat toch dit worden zou.

5:25
待機

En er kwam een, en boodschapte hun, zeggende: Ziet, de mannen, die gij in de gevangenis gezet hebt, staan in den tempel, en leren het volk.

5:26
待機

Toen ging de hoofdman heen, met de dienaren, en bracht hen, doch niet met geweld (want zij vreesden het volk, opdat zij niet gestenigd wierden).

5:27
待機

En als zij hen gebracht hadden, stelden zij hen voor den raad; en de hogepriester vraagde hun, en zeide:

5:28
待機

Hebben wij u niet ernstiglijk aangezegd, dat gij in dezen Naam niet zoudt leren? En ziet, gij hebt met deze uw leer Jeruzalem vervuld, en gij wilt het bloed van dezen Mens over ons brengen.

5:29
待機

Maar Petrus en de apostelen antwoordden, en zeiden: Men moet Gode meer gehoorzaam zijn, dan den mensen.

5:30
待機

De God onzer vaderen heeft Jezus opgewekt, Welken gij omgebracht hebt, hangende Hem aan het hout.

5:31
待機

Deze heeft God door Zijn rechter hand verhoogd tot een Vorst en Zaligmaker, om Israel te geven bekering en vergeving der zonden.

5:32
待機

En wij zijn Zijn getuigen van deze woorden; en ook de Heilige Geest, Welken God gegeven heeft dengenen, die Hem gehoorzaam zijn.

5:33
待機

Als zij nu dit hoorden, barstte hun het hart, en zij hielden raad, om hen te doden.

5:34
待機

Maar een zeker Farizeer stond op in den raad, met name Gamaliel, een leraar der wet, in waarde gehouden bij al het volk, en gebood, dat men de apostelen een weinig zou doen buiten staan.

5:35
待機

En hij zeide tot hen: Gij Israelietische mannen, ziet voor u, wat gij doen zult aangaande deze mensen.

5:36
待機

Want voor deze dagen stond Theudas op, zeggende, dat hij wat was, dien een getal van omtrent vierhonderd mannen aanhing; welke is omgebracht, en allen, die hem gehoor gaven, zijn verstrooid en tot niet geworden.

5:37
待機

Na hem stond op Judas, de Galileer in de dagen der beschrijving, en maakte veel volks afvallig achter zich; en deze is ook vergaan, en allen, die hem gehoor gaven, zijn verstrooid geworden.

5:38
待機

En nu zeg ik ulieden: Houdt af van deze mensen, en laat hen gaan; want indien deze raad, of dit werk uit mensen is, zo zal het gebroken worden.

5:39
待機

Maar indien het uit God is, zo kunt gij dat niet breken; opdat gij niet misschien bevonden wordt ook tegen God te strijden.

5:40
待機

En zij gaven hem gehoor; en als zij de apostelen tot zich geroepen hadden, geselden zij dezelve, en geboden hun, dat zij niet zouden spreken in den Naam van Jezus; en lieten hen gaan.

5:41
待機

Zij dan gingen heen van het aangezicht des raads, verblijd zijnde, dat zij waren waardig geacht geweest, om Zijns Naams wil smaadheid te lijden.

5:42
待機

En zij hielden niet op, allen dag, in den tempel en bij de huizen, te leren, en Jezus Christus te verkondigen.